Een deadline vergeten, pas op het laatste moment beginnen of tijdens het werken steeds afgeleid raken: het gebeurt bijna iedereen weleens. Vaak ligt het niet aan wat je kunt, maar aan hoe je je werk aanpakt.
Plannen is dan ook geen talent dat je wel of niet hebt. Het is een vaardigheid die je kunt trainen. In deze les onderzoek je hoe jouw manier van plannen en leren eruitziet, hoe andere GLR-studenten dit aanpakken en welke gewoontes jou kunnen helpen. Aan het einde maak je een kleine, concrete afspraak met jezelf voor de komende weken.
ontdekken waarom plannen helpt bij het leren;
kijken naar hoe je geheugen werkt;
onderzoeken hoe andere GLR-studenten plannen en leren;
nadenken over je eigen studiegedrag;
praktische studietips verzamelen;
een persoonlijk studieplan maken.
Denk terug aan een opdracht die je te laat hebt ingeleverd of waarbij je pas heel laat bent begonnen.
Denk voor jezelf na:
Kwam het doordat je de opdracht niet kon?
Of was je te laat begonnen?
Wist je hoeveel werk de opdracht eigenlijk was?
Wat zorgde ervoor dat je het uitstelde?
Wat had je anders kunnen doen?
We bespreken een aantal voorbeelden in de klas. Vandaag gaat het namelijk niet over wat je moet leren, maar over hoe je slimmer kunt studeren.
Je docent laat de presentatie De werking van de hersenen zien.
Informatie komt via je zintuigen binnen. Een deel daarvan komt terecht in je kortetermijngeheugen. Je kunt dit zien als een notitieblok: er kan informatie op, maar de ruimte is beperkt.
Je werkgeheugen is meer als een werktafel. Hier ben je actief bezig met informatie: je denkt na, maakt keuzes, lost problemen op en bepaalt wat je gaat doen.
In je langetermijngeheugen liggen onder andere je kennis, ervaringen en vaardigheden opgeslagen. Tijdens het leren gebruik je steeds informatie uit deze verschillende delen van je geheugen. De presentatie laat deze route van waarneming via het korte- en werkgeheugen naar het langetermijngeheugen zien.
Bij een planning probeer je eigenlijk drie vragen te beantwoorden:
1. Wat is mijn doel?
Wat moet er uiteindelijk af of bereikt zijn?
2. Welke stappen moet ik zetten?
Wat moet ik allemaal doen om daar te komen?
3. Wanneer doe ik dat?
Wanneer ga ik met iedere stap aan de slag?
Een agenda, planner of to-do-lijst werkt daarmee eigenlijk als een extra geheugen. Je hoeft niet alles tegelijk in je hoofd te houden.
Hoe pak je school aan als je al wat langer op het GLR zit? Eerst bekijken we vier korte video's van andere GLR-studenten.
Let tijdens het kijken op twee dingen:
Wat doet deze student goed?
Welke tip spreekt jou aan?
Er is geen perfecte manier om te plannen. Het gaat erom dat je ontdekt welke aanpak voor jou kan werken.
Daarna gaan jullie in groepjes van drie op zoek naar een tweedejaars student. Stel jezelf voor en vraag eerst of je een paar vragen mag stellen.
Probeer niet alleen een lijstje vragen af te werken. Luister naar wat iemand vertelt en vraag door als iets interessant is.
Je kunt bijvoorbeeld vragen stellen over plannen: Hoe plan jij je schoolwerk? Gebruik je een agenda? Werk je vooruit? Maar vraag ook naar leren: Hoe blijf je geconcentreerd? Wat doe je als je motivatie weg is? Hoe leer je voor een toets? Sluit af met de vraag welke studietip deze student aan een eerstejaars zou geven.
Tijdens het interview gebruiken jullie LSD:
Luisteren – geef de ander de ruimte om te vertellen.
Samenvatten – check of je goed hebt begrepen wat iemand bedoelt.
Doorvragen – vraag verder als je meer wilt weten.
Na de interviews verzamelen we de beste tips uit de klas. Welke aanpak lijkt goed te werken? En wat werkt juist minder goed?
Iedereen leert en plant anders. Dat gaan we zichtbaar maken met een korte activiteit in de klas.
De docent leest verschillende stellingen voor, bijvoorbeeld:
Ik maak meestal een planning.
Ik stel opdrachten vaak uit.
Ik werk liever alleen.
Ik gebruik mijn telefoon tijdens het leren.
Ik begin op tijd aan een opdracht.
Ik vraag hulp als iets moeilijk is.
Is jouw antwoord ja? Dan ga je twee stappen naar voren.
Is jouw antwoord nee? Dan blijf je zitten.
Soms vraagt de docent waarom je voor een antwoord hebt gekozen. Er zijn hierbij geen goede of foute antwoorden. Het gaat erom dat je ontdekt hoe jij werkt en dat je ziet dat anderen misschien een heel andere aanpak hebben.
Uit de video's, interviews en jullie eigen ervaringen komen waarschijnlijk allerlei manieren naar voren om slimmer te werken.
Denk bijvoorbeeld aan op tijd beginnen, een planner gebruiken, grote opdrachten opdelen in kleinere stappen, actief leren, regelmatig pauze nemen, hulp vragen, een fijne werkplek zoeken en je telefoon wegleggen.
Niet iedere tip werkt voor iedereen. De belangrijkste vraag is daarom:
Wat werkt voor jou – en wat zou je willen uitproberen?
Goed plannen gaat niet alleen over zoveel mogelijk schoolwerk doen. Het gaat ook over energie, rust en ruimte houden voor jezelf.
Je maakt daarom aan het einde van de les een kort persoonlijk studieplan. Beantwoord voor jezelf:
Mijn grootste valkuil
Waar loop ik bij plannen of leren vaak tegenaan?
Dit gaat al goed
Welke gewoonte of aanpak wil ik behouden?
Deze tip ga ik gebruiken
Wat heb ik vandaag gehoord dat mij kan helpen?
Mijn persoonlijke afspraak
Maak deze zin af:
Maak je afspraak klein en concreet. 'Ik ga beter plannen' is bijvoorbeeld moeilijk uit te voeren. 'Iedere maandag zet ik mijn deadlines voor die week in mijn agenda' is veel duidelijker.
We sluiten de les af met jullie persoonlijke afspraken. Misschien ga je eerder beginnen, je telefoon tijdens het werken wegleggen, opdrachten voortaan opdelen of iedere week een vast moment gebruiken om vooruit te kijken.
Goed plannen betekent niet dat alles altijd volgens plan verloopt. Het betekent dat je bewust keuzes maakt en jezelf helpt om succesvol te studeren.